Veerle Driessen

Een groene bril

De Hortus Botanicus Amsterdam toont kunst die je scherper laat kijken naar de planten en bomen om je heen. 

Wist je dat we ongeveer 50% van ons DNA delen met bomen? En toch zijn we als Westerse mens voor een groot deel onze connectie met de natuur verloren. Het is een fenomeen dat plantenblindheid wordt genoemd, en volgens wetenschappers een negatief gevolg heeft voor de gezondheid van de aarde én van ons. Wij zijn immers natuur. 

Vanaf 15 juni start in de Hortus een tentoonstelling met werk van kunstenaars die ons elk op hun eigen manier proberen te verbinden met het groen om ons heen. Isa van Lier, Suzie van Staaveren, David Jablonowski, Saskia Noor van Imhoff en Hadrien Gérenton maken kunst voor iedereen die snakt naar meer verbinding met de natuur, maar vooral voor diegene die daar eigenlijk niet zo naar op zoek was. Want in de tentoonstelling Ruimte Maken biedt een groene bril voor iedereen met plantenblindheid. 

Die groene bril bestaat vooral uit gekke elementen die verwarren. Varanen bijvoorbeeld. Je hoeft geen bioloog te zijn om te begrijpen dat die niet thuishoren in Amsterdam. Gérenton speelt met die verwarring en ketent sculpturen van varanen aan bomen. Het is een raar gezicht, maar niet raarder dan wat je in het echt zou kunnen tegenkomen. 

Hoe raar is het eigenlijk, wat wij doen met onze natuurlijke omgeving? Jablonowski probeert die vraag al jaren zichtbaar te maken met zijn kunst, voornamelijk door materialen te gebruiken uit zijn geboorteregio: het Ruhrgebied. We zetten de natuur naar onze hand met het winnen van ruwe olie - die in het Ruhrgebied massaal wordt geraffineerd - en het gebruik ervan in elektronica. Met een gloednieuw kunstwerk wil hij ons op een poëtische manier laten nadenken over ons materiaalgebruik, en wat dat voor invloed heeft op de natuur. 

Hoe zijn kunstwerk er precies uit gaat zien weten we nog niet, maar wel weten we dat Jablonowski’s antwoorden niet eenduidig zijn. Het is simpelweg niet zwart-wit. Je kunt het doden van dieren bijvoorbeeld zoveel mogelijk voorkomen door vegetariër te zijn, maar wat als planten ook gevoel hebben? Kunnen bestaan heeft altijd het lijden van andere levende wezens tot gevolg.

Van Staaveren laat in haar werk zien dat onze verbintenis met de natuur onoverkomelijk tegenstrijdig is, en dat nog wel met nineties beeldtaal. Ze maakt goudkleurige naamkettingen – zoals die van de modebewuste Sex and the City hoofdpersoon Carrie Bradshaw – voor verschillende bomen. . Van Staaveren onderstreept met de kettingen dat een boom geen levenloos object is, maar een levend wezen met een identiteit. Iemand waarmee we vrienden zouden kunnen zijn.

 En dat is precies waar de crux ziet. Hoe zien we bomen als gelijkwaardige levende wezens terwijl we hen ook vellen om in te wonen, op te zitten, en kunst mee te maken? Als je de tijd neemt om stil te staan bij de implicaties van de boomkettingen maken ze die tegenstrijdigheid duidelijk. Een tegenstrijdigheid die in de kunst van Van Staaveren zelf zit: Ze werkt niet alleen met levende bomen, maar gebruikt hout ook als materiaal voor haar werk. Ze schreef er een gedicht over:

I made money killing trees

I spent money wishing trees

I made money selling wishes

I made honey in the trees

I made money from the honey

My sincere apologies

Een echte connectie is geven en nemen. In de geest van haar kunst kunnen we de kunst in Ruimte Maken zien als een gift, en een motivatie om te geven.